Casuïstiek

Het onderdeel interventie is afgerond, nu is het laatste onderdeel casuïstiek aan de beurt waarbij wordt gekeken naar het toepassen van de LOeS-werkwijze in de praktijk. Er zijn twee opdrachten die uitgewerkt moeten worden. Eén opdracht (huiswerkopdracht 3) is gekoppeld aan onderstaande videofragmenten en de andere opdracht is de eindopdracht (huiswerkopdracht 4). Deze laatste opdracht is te vinden in het volgende hoofstuk.


In dit onderdeel van de e-learning wordt een voorbeeld getoond van casuïstiek met een
bijbehorende huiswerkopdracht 3 (een wordbestand om in te werken vind je onder “bronnen”).

In het voorbeeld wordt een casus van een meisje getoond. In 2015 is zij begonnen met de LOeS-werkwijze gekoppeld aan de leesmethode ‘Leeslijn’ (2 videofragmenten). In 2018 leert zij verder lezen en spellen met de LOeS-werkwijze gekoppeld aan de leesmethode ‘Veilig Leren Lezen’ (1 videofragment).

In huiswerkopdracht (3) worden de videofragmenten bekeken en de bijbehorende opdrachten uitgevoerd en opgestuurd via onderstaande link. Deze opdracht dient minimaal een week voor de afsluitende casuïstiekmiddag ingeleverd te zijn. Neem de opdracht ook mee naar de laatste cursusmiddag. De beschrijving aan de hand van kindkenmerken vind je hier .


Casuïstiek van een leerling:

Voorinformatie kind kenmerken:

  • Leerling S; 11 jaar
  • Diagnose:
    • Cerebrale Parese van het bilaterale, spastische dyskinetische type, links > rechts, niet in staat om te spreken
    • Epilepsie
    • GMFCS V
    • MACS IV
    • CFCS III (effectieve communicatie met bekenden maar niet met onbekenden)

Communicatie:

  • Taalbegrip: met behulp van de C-Billt is haar taalbegripsniveau gemeten. Op 8 jarige leeftijd had S een leeftijdsequivalent van 6,5 jaar.
  • Zich uiten: S drukt zich uit door middel van lichaamsbeweging, mimiek, gebaren, wijzen, stemgeluid en door middel van de My Tobii met oogbediening, ze maakt zinnen van 3-5 woorden waarbij ze de volgende communicatieve functies uitdrukt:
    • Informatie geven over iets of iemand binnen of buiten de onmiddellijke omgeving
    • Vragen beantwoorden over iets of iemand binnen of buiten de onmiddellijke omgeving
    • Vragen stellen binnen het hier en nu om te verkrijgen wat ze wil en om informatie te vragen.
  • Conversatievaardigheden: S wil graag deelnemen aan de communicatie, maar het liefst op een non-verbale manier waardoor iedereen in de omgeving haar signalen gaat interpreteren. De omgeving moet daarom van haar vragen dat S haar My Tobii gaat gebruiken. S neemt initiatief in de interactie door ergens naar te wijzen, oogcontact te maken en onverstaanbare klanken te maken. S vraagt met behulp van de My Tobii om voorwerpen, activiteiten en personen. S geeft duidelijk aan wat zij wel en niet wil.
  • OC: S gebruikt een My Tobii I15 met oogbediening. Ze heeft een ernstige strabismus, kan zich kort focussen op een vakje. Ze kiest een picto/woord/letter en dan kijkt ze naar een picto van dikke duim waardoor de picto/woord/letter wordt uitgesproken in de zinsbalk. S beheerst deze handeling en weet zich steeds meer met behulp van de My Tobii duidelijk te maken.

Sociaal emotioneel:

  • S is leergierig, maar heeft ook een sterke eigen wil. Wanneer zij in de gaten heeft dat iets moeilijk is, haakt zij snel af. Met S zijn goede afspraken te maken en ze is goed te stimuleren voor een opdracht. S wordt onrustig wanneer ze niet meteen begrepen wordt en er niet meteen naar haar wensen wordt geluisterd.

Leren:

  • Leerroute 3: uitstroomprofiel eind groep 3
  • Leesonderwijs: sinds 3 jaar leesonderwijs. Gestart met LOeS-werkwijze toegepast op de methode Leeslijn en vanaf 2018 LOeS-werkwijze toegepast op de methode Veilig Leren Lezen.
    • Leerdoel met betrekking tot technisch lezen: S. leert woorden met medeklinkerclusters aan het einde van het woord in werkwoordvervoegingen en woorden met medeklinkerclusters aan het einde en aan het begin van zelfstandige naamwoorden automatisch te herkennen, te analyseren a.d.h.v. klankgebaren, te decoderen en te spellen (woorden zijn afkomstig van Kern 3 van Veilig Leren Lezen).
    • Leerdoel met betrekking tot begrijpend lezen en functionele communicatie: S. begrijpt geschreven wie/wat vragen naar aanleiding van een gelezen tekst uit de leesboekjes van Veilig Leren Lezen, kern 3 en 4 (volgens Connect voorlezen, samen lezen, zelfstandig lezen) en beantwoordt deze vragen met behulp van de My Tobii zowel met picto’s als met de letterkaart.